Trage schildklier: symptomen en behandeling
Een traag werkende schildklier maakt te weinig schildklierhormoon aan, en dat vertraagt vrijwel elk proces in het lichaam. De klachten zijn daardoor breed en weinig specifiek: moeheid, kouwelijkheid, gewichtstoename, een trage stoelgang, droge huid en een somber gevoel. Precies die vaagheid maakt dat mensen er lang mee rondlopen. Op deze pagina leest u welke klachten typisch zijn, hoe de diagnose met een bloedonderzoek wordt gesteld, hoe de behandeling verloopt en waarom de opvolging erbij hoort.
Wat de schildklier doet
De schildklier is een klein orgaan vooraan in de hals dat schildklierhormoon aanmaakt. Dat hormoon bepaalt mee het tempo van de stofwisseling: hoe snel het lichaam energie verbruikt, hoe snel het hart klopt, hoe de darmen werken en hoe warm u zich voelt.
De aansturing gebeurt vanuit de hypofyse in de hersenen, die het hormoon TSH afgeeft. Maakt de schildklier te weinig aan, dan stuurt de hypofyse harder aan en stijgt het TSH. Dat is de reden waarom een verhoogd TSH het eerste en gevoeligste signaal is van een trage schildklier, ook al klinkt het tegenintuïtief dat de waarde stijgt terwijl de klier het minder doet.
De medische term is hypothyreoïdie. Het omgekeerde beeld, een te snel werkende schildklier, geeft juist hartkloppingen, gewichtsverlies, zweten en onrust, en vraagt een andere aanpak.
Welke klachten typisch zijn
De meest gemelde klachten zijn aanhoudende moeheid en een gebrek aan energie dat niet met slaap verdwijnt, het snel koud hebben terwijl anderen het comfortabel vinden, en gewichtstoename zonder dat er iets aan de voeding is veranderd.
Daarnaast komen een trage stoelgang, een droge huid, brozer haar en haaruitval, brozere nagels, spierstijfheid en krampen voor. Veel mensen merken ook een trager denken, moeite met concentreren of een vergeetachtigheid die ze aan leeftijd of drukte toeschrijven.
Een somber gevoel of lusteloosheid hoort in het rijtje thuis, en dat is een belangrijke: een trage schildklier wordt met enige regelmaat aangezien voor een depressieve episode, en omgekeerd. Bij vrouwen kunnen de menstruaties hevig of onregelmatig worden, en ook verminderde vruchtbaarheid kan een eerste aanwijzing zijn.
Geen van deze klachten is op zichzelf bewijzend. Het is de combinatie, en vooral het geleidelijke ontstaan over maanden, die de verdenking oplevert.
Waarom het ontstaat
De meest voorkomende oorzaak in onze streken is een auto-immuunontsteking van de schildklier, bekend als de ziekte van Hashimoto. Het afweersysteem richt zich daarbij tegen het eigen schildklierweefsel, dat geleidelijk minder gaat produceren.
Andere oorzaken zijn een operatie waarbij de schildklier geheel of gedeeltelijk is weggenomen, een behandeling met radioactief jodium, en bestraling in het halsgebied. Ook een aantal geneesmiddelen kan de schildklierfunctie beïnvloeden.
Na een bevalling komt een tijdelijke ontsteking van de schildklier voor, die soms eerst een snelle en daarna een trage fase geeft. Die verloopt in een deel van de gevallen vanzelf, maar wel onder opvolging.
Het risico is groter bij vrouwen, bij het ouder worden, bij een familiale voorgeschiedenis en bij andere auto-immuunaandoeningen zoals diabetes type 1 of coeliakie.
Hoe de diagnose wordt gesteld
De diagnose steunt op een bloedonderzoek, niet op de klachten alleen. Dat is geen formaliteit: de klachten zijn te weinig specifiek om er een behandeling op te baseren die jarenlang doorloopt.
De basisbepaling is TSH, meestal aangevuld met het vrije T4. Samen laten die twee zien of de schildklier onvoldoende produceert en hoe uitgesproken dat is. Bij een vermoeden van een auto-immuunoorzaak worden de antistoffen tegen schildklierweefsel bepaald, de zogenaamde anti-TPO.
Soms wordt een echografie van de hals gedaan, bijvoorbeeld bij een voelbare zwelling of knobbel. Dat is geen standaardonderzoek bij iedereen met een verhoogd TSH.
Wij noemen hier bewust geen referentiewaarden of afkapwaarden. Die verschillen per laboratorium en worden altijd samen met uw klachten, uw leeftijd en uw situatie gelezen; een los getal uit een tabel is in dit onderwerp eerder misleidend dan nuttig. Uw arts interpreteert de uitslag.
Hoe de behandeling eruitziet
De behandeling bestaat uit het aanvullen van het ontbrekende hormoon met levothyroxine. In België zijn daarvoor onder meer Euthyrox en L-Thyroxine Christiaens op de markt; beide zijn voorschriftplichtig.
De dosis wordt individueel ingesteld en meestal geleidelijk opgebouwd, zeker bij ouderen en bij mensen met een hartaandoening. Na elke aanpassing volgt een controle van het bloed, omdat het effect zich pas na enige tijd in de waarden vertaalt.
De inname luistert nauw. Levothyroxine wordt doorgaans op een nuchtere maag genomen, en een aantal producten vermindert de opname aanzienlijk: preparaten met calcium of ijzer, maagzuurbindende middelen en sommige voedingssupplementen. Die worden daarom met een ruime tussentijd genomen. De bijsluiter en uw apotheker geven aan hoe dat in uw geval het best wordt ingepland.
Blijf bij hetzelfde product wanneer u goed bent ingesteld, en meld het aan uw arts wanneer de apotheek een ander merk aflevert. Bij dit geneesmiddel kan een wissel aanleiding geven tot een controle van de waarden.
Waarom opvolging erbij hoort
Een trage schildklier is in de meeste gevallen een blijvende aandoening, en de behandeling loopt navenant lang. Dat maakt de opvolging geen bijzaak.
Er wordt periodiek bloed gecontroleerd, ook wanneer u zich goed voelt. De behoefte verandert namelijk in de loop van de tijd: bij gewichtsverandering, bij het ouder worden, bij het starten of stoppen van andere geneesmiddelen en bij ziekte.
Een te hoge dosis is niet onschuldig. Ze geeft hartkloppingen, onrust, slapeloosheid, zweten en gewichtsverlies, en op langere termijn is ze ongunstig voor het hartritme en voor de botten. Het doel is dus niet zoveel mogelijk hormoon, maar de juiste hoeveelheid.
Een onbehandelde of onderbehandelde trage schildklier heeft omgekeerd ook gevolgen die verder reiken dan de moeheid: de cholesterolwaarden stijgen en de hartslag vertraagt, wat het belang van de opvolging samen met uw overige cardiovasculaire behandeling onderstreept.
Zwangerschap en kinderwens
Tijdens de zwangerschap verandert de behoefte aan schildklierhormoon, meestal al vroeg. Dat is een van de weinige situaties waarin het tempo van de opvolging duidelijk omhoog gaat.
Hebt u een kinderwens en is er een schildklierprobleem bekend, bespreek dat dan voordat u zwanger wordt. Een goed ingestelde behandeling vooraf is eenvoudiger te regelen dan een aanpassing achteraf.
Bent u zwanger geworden terwijl u levothyroxine gebruikt, neem dan zo snel mogelijk contact op met uw arts of vroedvrouw in plaats van te wachten op de volgende geplande controle. Stop de behandeling niet op eigen initiatief.
Ook na de bevalling blijft opvolging aangewezen, onder meer omdat een tijdelijke ontsteking van de schildklier in die periode voorkomt.
Wanneer u contact opneemt
Neem contact op met uw huisarts wanneer de klachten uit deze pagina over weken tot maanden zijn opgebouwd en niet verdwijnen, zeker wanneer er meerdere samen voorkomen. Een bloedonderzoek geeft dan snel uitsluitsel.
Ga ook langs bij een voelbare zwelling of knobbel in de hals, bij het gevoel van druk of bij slikklachten. Dat is los van de vraag of de schildklier te traag werkt.
Bent u al in behandeling en krijgt u hartkloppingen, onrust, slapeloosheid of onverklaard gewichtsverlies, meld dat dan; dat kan op een te hoge dosis wijzen. Bij een sterk vertraagde hartslag, verwardheid of een uitgesproken verslechtering wacht u niet: bel uw huisarts, buiten de praktijkuren de huisartsenwachtpost, en bij een acuut beeld de spoedgevallendienst.
Stop nooit zelf met levothyroxine omdat u zich goed voelt. Dat u zich goed voelt, is doorgaans juist het gevolg van de behandeling.
Hoe wordt een trage schildklier vastgesteld?
Met een bloedonderzoek, doorgaans TSH aangevuld met vrij T4, en bij een vermoeden van een auto-immuunoorzaak de anti-TPO-antistoffen. De klachten alleen volstaan niet, omdat ze weinig specifiek zijn. Uw arts leest de uitslag samen met uw klachten en uw situatie.
Waarom stijgt het TSH als mijn schildklier minder doet?
Omdat de hypofyse harder aanstuurt wanneer er te weinig schildklierhormoon is. Het TSH is daardoor het eerste en gevoeligste signaal, ook al klinkt een stijgende waarde bij een tragere klier tegenintuïtief.
Is de behandeling levenslang?
In de meeste gevallen wel, omdat de onderliggende aandoening blijvend is. Een uitzondering is de tijdelijke ontsteking die na een bevalling kan optreden; ook die wordt opgevolgd.
Waarop moet ik letten bij de inname?
Levothyroxine wordt doorgaans op een nuchtere maag genomen. Preparaten met calcium of ijzer, maagzuurbindende middelen en sommige supplementen verminderen de opname en worden met een ruime tussentijd genomen. Vraag uw apotheker hoe u dat het best inplant.
Mag de apotheek een ander merk afleveren?
Bent u goed ingesteld, meld een wissel dan aan uw arts. Bij dit geneesmiddel kan een verandering van product aanleiding geven tot een controle van de bloedwaarden.
Kan ik stoppen als ik me goed voel?
Nee, niet op eigen initiatief. Dat u zich goed voelt, is doorgaans het gevolg van de behandeling. Stoppen laat de onderliggende tekortkoming onbehandeld, met gevolgen die verder reiken dan moeheid.